vettig hoekske

hondenschoolforum
 
IndexKalenderFAQZoekenGebruikerslijstGebruikersgroepenRegistrerenInloggen

Deel | 
 

 hondenkliniekske

Vorige onderwerp Volgende onderwerp Go down 
AuteurBericht
freinspoorken
Admin
avatar

Aantal berichten : 34
Registratiedatum : 14-05-10
Leeftijd : 44
Woonplaats : nijlen

BerichtOnderwerp: hondenkliniekske   ma mei 17, 2010 10:27 am

Kennelhoest
Kennelhoest is een zeer besmettelijke infectie aan de voorste luchtwegen van de hond. Met de voorste luchtwegen worden de luchtpijp en de hoofdvertakkingen naar de longen bedoeld. Echter de infectie kan zicht ook uitbreiden naar de andere slijmvliezen, denk aan rode oogslijmvliezen, mond-, darmslijmvliezen en bij teven zelfs uitvloeiingen uit de schede.
Hoe uit het zich?

Kennelhoest uit zich door een droge, harde hoest met meestal het kenmerkende ‘=kokhalzen=’ en/of braken. Dit hoesten komt bij de ene hond regelmatig voor, de ander hoest maar enkele keren per week! De ene hond eet niet meer en toont zich doodziek, de andere hoest alleen en is wat hangerig.
Welke veroorzakers zijn er?

Kennelhoest wordt veroorzaakt door een combinatie van een aantal factoren. Naast =virussen = en =bacteriën =speelt ook =stress =een rol….. =Het hoesten kan soms wekenlang aanhouden met als risico dat het chronisch wordt of dat longontsteking als complicatie kan optreden. Of verlies van longfunctie bij een sluimerende kennelhoest. Met name pups en zwakke dieren hebben een grotere kans op complicaties.
Hoe loopt de hond het op?

Kennelhoest kan de hond op elke plaats waar honden bij elkaar komen oplopen, dus niet alleen in een kennel maar ook op shows, uitlaatplaatsen en hondenscholen. Kennelhoest wordt overgedragen van hond op hond via minuscule druppeltjes in de lucht of via direct contact.Kennelhoest wordt vaak niet herkend of onderschat het is uiterst besmettelijk een zieke hond kan maanden lang andere honden besmetten!!!!!!!!!
Wat te doen ter voorkoming van kennelhoest:

Ik raad u met klem aan, de hond een extra enting te geven tegen kennelhoest. In de normale jaarlijkse cocktailenting zit een gedeeltelijke bescherming tegen kennelhoest. U kunt dit aanvullen door een extra enting, dit kan een ‘gewone’ enting zijn of een ‘neus’ enting (hierbij wordt de entstof rechtstreeks in de neus gesprayd) De neusentingen moeten 2 x per jaar worden gegeven! =Ondanks deze entingen kan u hond verkouden worden. En in een enkel geval toch nog kennelhoest krijgen echter dan alleen in lichte mate! Let op hij is dan wel besmettelijk voor andere honden. Risico plekken met vochtig weer zoveel mogelijk vermijden. Niet laten drinken uit gemeenschappelijke waterbakken.
Denkt u dat uw hond kennelhoest heeft?

Wandel dan niet verder maar bel dan de dierenarts voor een afspraak, ga NIET met uw hond in de wachtkamer zitten wachten ivm het besmetten van andere honden. Van de dierenarts krijgt u indien de hond kennelhoest heeft of dit wordt vermoed antibiotica, eventueel in combinatie met een ondersteunende therapie.
Wat kunt u zelf doen?

Zorg voor zacht eten (brokken laten weken), zorg voor goede ventilatie, geen tocht! Probeer opwinding en met name blaffen te voorkomen (dit irriteert de luchtwegen nog meer), geeft de hond eventueel bisovon tabletjes (slijmoplossend; in een kinderdosering) en thijmhoest siroop of natterman siroop tegen kriebelhoest. Dit stopt het hoesten waardoor de geïrriteerde luchtwegen tot rust komen. Overleg dit bijvoorkeur even met de dierenarts.


Uitlaatplaatsen, shows, hondenpenions, drukke bossen, hondenscholen en dergelijke.... geven meer risico!!

Hierbij word dus niet gesuggereerd dat op deze plekken kennelhoest heerst maar proberen wij door goede voorlichting het aantal zieke honden te beperken. En zijn hier zelf zeer streng in. Wij hopen dan ook dat u hier niet gaat lopen met een hond waarvan u vermoedt of weet dat hij kennelhoest heeft! En uiteraard niet op les komt bij een vermoeden van kennelhoest. U bent ook niet blij als uw hond ziek wordt, doordat een andere eigenaar hier laks in is!
Terug naar boven Go down
Profiel bekijken http://vettighoekske.motionsforum.com
freinspoorken
Admin
avatar

Aantal berichten : 34
Registratiedatum : 14-05-10
Leeftijd : 44
Woonplaats : nijlen

BerichtOnderwerp: heupdysplasie en elleboogdysplasie   ma mei 17, 2010 10:32 am

In de veterinaire praktijk vallen heupdysplasie (HD) en elleboogdysplasie (ED) onder de meest voorkomende orthopedische afwijkingen. Beide komen vooral voor bij middelgrote en grote honden, beide zijn ontwikkelingsstoornissen, en beide zijn voor de patiënt vaak een bron van veel pijn en ongemak. Daar komt nog bij dat, niettegenstaande de inzet van individuele fokkers en rasverenigingen, HD en ED onverwachts de kop kunnen opsteken bij een of meer honden terwijl nestgenoten van diezelfde honden géén klinische tekenen van kreupelheid tonen. Alvorens in te gaan op de vraag die in de titel van deze bijdrage wordt gesteld - zijn HD en ED erfelijk? - geef ik eerst wat achtergrondinformatie over deze aandoeningen.
Ontwikkeling van heup- en ellebooggewricht

Het skelet van een hondenembryo is aanvankelijk een structuur van kraakbeen. Kraakbeen is zacht weefsel dat groeit door celvermenigvuldiging en door vergroting van de individuele kraakbeencellen. Dit is vergelijkbaar met het meeste andere weefsel in het lichaam, maar anders dan botweefsel.

Botweefsel heeft een vaste structuur en bevat botcellen die zich niet kunnen delen en die niet kunnen groeien. Tegen de tijd dat de pup wordt geboren, wordt het kraakbeen in het midden en in de uiteinden van lange beenderen vervangen door bot. Alleen tussen deze benige centra en aan het einde van het bot blijft kraakbeen aanwezig, dat in dit stadium groeischijfkraakbeen wordt genoemd omdat het ervoor zorgt dat het skelet na de geboorte nog kan groeien. Het kraakbeen van de groeischijven tussen de benige delen zorgt ervoor dat de lange botten in de lengte groeien. Het kraakbeen dat de botuiteinden van gewrichten bedekt zorgt voor de groei in diameter van dat deel van het skelet. Het proces van kraakbeengroei wordt gevolgd door transformatie van het kraakbeen naar het veel hardere botweefsel. Wanneer dit verbeningsproces is voltooid en alle groeischijven zijn vervangen door bot, groeit het skelet niet meer: het dier is volgroeid. Maar dit betekent niet dat het verbeende skelet niet meer verandert van vorm en samenstelling. Bot wordt afgebroken door speciaal daarvoor toegeruste cellen en wordt waar nodig vervangen door andere cellen. Botmodelleren begint al in de jeugd en gaat door bij volwassen dieren.

De groeicurve van opgroeiende honden van grote rassen verloopt steiler dan die van jonge honden van kleine rassen, vooral tussen de eerste drie en zes levensmaanden. Met andere woorden, de groei van pups van grote rassen gaat samen met een snellere groei in kilo's lichaamsgewicht en in centimeters botlengte per week. Verschillen in groeisnelheid worden ook veroorzaakt door individuele variatie in hormonen (mannelijke versus vrouwelijke hormonen) en in milieuomstandigheden. Onder die laatste vallen ook de kwaliteit en de hoeveelheid van de dagelijkse voeding. Deze factoren beïnvloeden niet alleen de groei van kraakbeen maar ook de botvernieuwing. Het heupgewricht bestaat uit de heupkom (het acetabulum) en de heupkop (caput femoris) op een hals. Bij de opgroeiende hond bestaat de heupkom uit vier kleine botdelen, met kraakbeenzones daartussen, zodat de doorsnede van de kom groter kan worden en zich kan aanpassen aan de groei van de kop. De kop groeit via het proces van kraakbeengroei en verbening tot bot. Tijdens de groei verandert de hals, waarbij de contacthoek tussen kom en kop aangepast wordt. Kop en kom worden bijeen gehouden door een kleine gewrichtsband, het kapsel van de gewrichtsholte en de spieren rond het heupgewricht. Een goede aansluiting en pasvorm zorgen dat kom en kop zich harmonieus kunnen ontwikkelen. Als de kop niet, of niet goed, in de kom zit, wordt de kom onvoldoende diep. Als de kraakbeengroei van de kop wordt belemmerd, dan blijft die te klein of 'onvolwassen' (en daarom kwetsbaar). Wordt de skeletomvorming belemmerd, dan is de richting van de hals niet aangepast aanhet groeiende skelet.

Het ellebooggewricht wordt gevormd door drie beenderen: de bovenarm (humerus) en de bijeenhorende botten in de onderarm, het spaakbeen (radius) en de ellepijp (ulna). Deze drie beenderen passen perfect in elkaar, zodat de elleboog kan strekken en buigen. Verder kan de onderarm in zekere mate draaien (schroevendraaierbeweging), wat vooral een beweging is tussen spaakbeen en ellepijp. De ellepijp heeft twee belangrijke uitsteeksels: (1) het processus anconeus, dat van belang is bij het strekken van het gewricht, en (2) het processus coronoïdeus, dat van belang is bij de draaiende beweging van ellepijp rond spaakbeen. Zoals alle skeletonderdelen zijn het processus anconeus en het processus coronoideus aanvankelijk van kraakbeen; tijdens de groei wordt dit vervangen door benig weefsel. Dit verbeningsproces is met 5 tot 7 maanden zo goed als voltooid. Als de lengtegroei van spaakbeen of ellepijp wordt belemmerd, kan de kom die deze twee beenderen samen vormen onvoldoende aansluiten op de vorm van de kop van de bovenarm; het resultaat is een incongruentie met het gewrichtsvlak van de humerus. Als er abnormale schuifkrachten worden uitgeoefend op het processus anconeus of het processus coronoïdeus, kunnen deze afbreken. De ontwikkeling van kraakbeen ter afdekking van het benige deel van het processus coronoïdeus of op het gewrichtsvlak van de humerus kan verstoord worden, hetgeen tot plaatselijke verdikking kan leiden. Zo'n kwetsbaar stukje kraakbeen kan afbreken; het gevolg is een gefragmenteerd processus coronoideus of een los flapje kraakbeen.
Heupdysplasie (HD)

Door een stoornis in de normale ontwikkeling van heupkom en -kop en een slechte aansluiting van deze beenderen zullen delen van het kraakbeenomhulsel overbelast raken. Dit veroorzaakt vervorming van het kraakbeen en uiteindelijk misvorming van het gewricht. Bovendien zal de instabiliteit van het gewricht leiden tot een stoornis van het kraakbeen en gewrichtsontsteking, hetgeen pijnlijk is. De kop zal uiteindelijk niet langer diep in de kom passen waardoor het heupgewricht misvormd (dysplastisch) wordt. De gewrichtsontsteking wordt chronisch (osteoarthrose), hetgeen leidt tot beperkte bewegingsmogelijkheid van de heupgewrichten en tot pijn tijdens en vooral na activiteit. Bij osteoarthrose groeit nieuw bot (osteophyten) aan de randen van het gewricht, rond de kom en op de hals. Deze osteophyten woekeren alle kanten op, de groeisnelheid is afhankelijk van de ernst van de osteoarthrose.

Bij jonge honden van 4 tot 12 maanden is pijn de meest opvallende klinische indicatie van HD: pijn tijdens het staan (de hond gaat snel weer zitten), pijn tijdens het lopen (de hond weigert te lopen, loopt met zwaaiende heupen), en pijn bij springen of klimmen. Een slechte of goede aansluiting van kop en kom kan worden aangetoond met speciale klinische of radiologische technieken. Met röntgenfoto's kan de aansluiting van kop en kom objectief worden gekwantificeerd door bepaling van de Norbergwaarde en botwoekeringen kunnen met speciale radiologische beelden zichtbaar worden gemaakt. Bij oudere honden gaat het vooral om pijn na te zware inspanning, en niet zozeer om niet graag te willen of kunnen staan, lopen, springen of klimmen. Bij jonge honden met HD-klachten kan een slechte aansluiting van kop en kom operatief gecorrigeerd worden. Bij volwassen honden kan een kunstmatig gewricht ingebracht worden. Niet-operatieve behandelingen zijn aangepaste lichaamsbeweging, gewichtsbeperking en medicatie.
Elleboogdysplasie (ED)

De term "elleboogdysplasie" (ED) omvat een aantal onderling onafhankelijke afwijkingen die alle in het ellebooggewricht optreden en vooral voorkomen bij jonge honden van grotere rassen. Deze afwijkingen veroorzaken pijn en leiden uiteindelijk tot invaliderende osteoarthrose van het aangetaste gewricht. De meest frequent voorkomende diagnoses van stoornissen die onder ED vallen, zijn: (1) een losgeraakt processus aconeus (los processus anconeus = LPA); (2) een losgeraakt of afgebroken processus coronoïdeus (LPC); (3) een los stukje gewrichtskraakbeen afkomstig van de humerus (osteochondrosis dissecans, OCD); (4) twee verschillende vormen van gewrichtsincongruentie met gestoorde groei van de radius of de ulna (dat wil zeggen, de kom sluit niet perfect aan op het gewrichtsvlak van de humerus). De losse stukjes bot of kraakbeen in het geval van LPA, LPC of OCD irriteren het gewricht en veroorzaken pijn, gewrichtsontsteking en uiteindelijk osteoarthrose. Elleboog Incongruentie (EI) veroorzaakt schuifkrachten op en mogelijke losraking van het processus anconeus of coronoïdeus, met als gevolg LPA of LPC. EI veroorzaakt ook te zware belasting van een kleiner draagvlak van het gewricht, waardoor het kraakbeen wordt aangetast met als gevolg pijnlijke gewrichtsontsteking en uiteindelijk osteoarthrose.

Een hond met één aangetaste elleboog zal ergens tussen 4 en 6 maanden beginnen te kreupelen. Als beide ellebogen door ED zijn aangetast, dan zullen de enige indicaties waarschijnlijk een korte paslengte en een tegenzin om te rennen en te spelen zijn. Bij klinisch onderzoek kan men een licht gekraak horen of voelen als het gewricht wordt bewogen. LPA, OCD en EI kunnen zichtbaar gemaakt worden op drie verschillende radiologische opnamerichtingen. LPC is in de beginfase moeilijk te zien en wordt pas duidelijker zichtbaar als zich tekenen van osteoarthrose ontwikkelen. Operatieve verwijdering van irriterende losse fragmenten (LPA, LPC, OCD) of operatief vastzetten van het LPA, en chirurgische correctie van incongruentie zijn geïndiceerd in de meeste gevallen van milde osteoarthrose. Bij ernstige osteoarthrose van het ellebooggewricht is de prognose voor volledig herstel matig tot slecht. Niet-operatieve behandeling van osteoarthrose omvat verminderde dagelijkse inspanning, beperking van lichaamsgewicht en medicatie om kraakbeengroei te bevorderen, gewrichtsontsteking te remmen en pijn te verminderen.
Invloeden van het milieu op HD en ED

Dr. Kealy verrichtte een heel interessant onderzoek met 20 Labrador-paren. [1] Per paar ging het om 2 nestgenoten van hetzelfde geslacht, die samen in één kennel waren gehuisvest. Eén van de twee mocht zoveel eten als hij/zij wilde, terwijl de ander 2/3 van die hoeveelheid kreeg. Met regelmatige tussenpozen werden alle honden gewogen en geröntgend. De honden die onbeperkt mochten eten bereikten een gemiddeld lichaamsgewicht van 32 kg, hun nestgenoten die de beperkte hoeveelheid voedsel kregen bereikten een gemiddeld gewicht van 23 kg, terwijl alle honden dezelfde beenlengte hadden. De losheid van de heupen (uitgedrukt met de Norbergwaarde) en de mate van osteophytenvorming (osteoarthrose) was bij de ongelimiteerd gevoerde honden groter dan bij de beperkt gevoerde honden. Voor Duitse Doggen grootgebracht op voer met veel mineralen, vitaminen en energie toonde dr. Hedhammar aan dat bij onbeperkt gevoerde honden het modelleren van kop en hals van dijbeen achterbleef vergeleken me55t beperkt gevoerde nestgenoten, waardoor de kop slechter in de kom past. [2] Dr. Kasström toonde voor nesten van Duitse Herders, Golden Retrievers en Labrador Retrievers aan dat onbeperkte voeding leidde tot frequentere en zwaardere HD dan gevonden werd bij beperkt gevoerde nestgenoten. De uiteindelijke heupscore had meer te maken met voeding en gewichtstoename dan met losheid van het gewricht bij de jonge hond. [3] In Utrecht werd aangetoond dat bij Duitse Doggen grootgebracht op voer met een hoog calciumgehalte, de kraakbeenkernen in de elleboog op latere leeftijd verbeenden dan het geval was bij honden die opgroeiden met een gebalanceerd voer met een lager calciumgehalte. [4] Ook afwijkingen in de lengtegroei van het spaakbeen en de ellepijp, waardoor EI ontstaat, werden vaker gevonden bij Duitse Doggen die te veel calcium kregen. Tevens werden stoornissen in kraakbeentransformatie (OCD) vaker geconstateerd bij Duitse Doggen die opgroeiden met een calciumrijk voer dan bij nestgenoten met een gebalanceerd dieet. [5] Bij honden van kleine rassen veroorzaakte een hoge mineraalopname niet de skeletstoornissen die we bij de grote rassen zien. [6] Ook voeding met een hoog vitamine-D-gehalte kan leiden tot symptomen van OCD en/of verstoorde groei van spaakbeen of ellepijp. Onderzoek van Nap c.s. toonde aan dat voedsel met een hoog eiwitgehalte, zoals puppyvoer van goede kwaliteit, géén negatieve invloed heeft op de skeletontwikkeling. [7] Samengevat: snelgroeiende honden kunnen HD en/of ED ontwikkelen wanneer ze worden grootgebracht op een mineralen- of vitaminenrijke voeding, of zelfs als ze een overdadige hoeveelheid gebalanceerd voer krijgen, terwijl ras- en zelfs nestgenoten die met correcte voeding.worden grootgebracht géén HD of ED krijgen. Hondenvoer met de optimale hoeveelheid mineralen, vitaminen, eiwitten en koolhydraten schept de basis voor een normale kraakbeenontwikkeling, voor verbening van het kraakbeen, en voor definitief modelleren van de beenderen. In vroeger tijden, toen er nog geen puppyvoer beschikbaar was met een lage mineraal- en energiebalans, adviseerden dierenartsen om puppies een voer voor volwassen honden te geven, om zo de opname van mineralen, vitaminen en energie te beperken. Maar de lagere energiewaarde van het voedsel dwong de pup om meer grammen van dat 'volwassen' voer te eten. Daardoor kwam ook de dagelijkse opname van mineralen en vitaminen boven de optimale hoeveelheid uit, waardoor skeletstoornissen zoals HD en ED onopzettelijk gestimuleerd werden. Recent onderzoek heeft uitgewezen dat honden van reuzenrassen die grootgebracht worden op een gebalanceerd puppydieet met maximaal 0,8 tot 1% calcium (% van droge stof) zowel een versneld proces van botvernieuwing kennen als een niet-verstoorde kraakbeengroei en verbening van het kraakbeen. In combinatie met een verminderde energieopname schept dit puppyvoer de optimale omstandigheden voor een ongestoorde skeletontwikkeling.
HD en ED zijn dus geen erfelijke afwijkingen?

We hebben gezien dat voeding een belangrijke invloed heeft op de mate waarin HD en ED optreden. Dit geldt vooral voor jonge honden van grote rassen, die sneller groeien dan de pups van kleine rassen. Uit onderzoeken van Nap c.s. onder dwergpoedels bleek dat een teveel aan mineralen slechts milde, klinisch niet-relevante gevolgen had voor de skeletontwikkeling bij deze kleine tot middelgrote honden.

Dr. Ubbink en anderen toonden aan dat bij de Nederlandse Labradorpopulatie ED wordt aangetroffen in bepaalde verwante subpopulaties. Daarnaast toonde Ubbink aan dat LPC en OCD voornamelijk in verschillende subpopulaties optreden, en slechts zelden tegelijk in dezelfde subpopulatie worden gevonden. [8] In een onderzoek onder Berner Sennenhonden met röntgenologisch gediagnosticeerde ED (met name LPC met EI) bleek dat deze honden dezelfde levensstijl, huisvesting en voedingsregimes hadden als een vergelijkbare groep Berner Sennenhonden met ED-vrije ellebooggewrichten op röntgenfoto's. Deze studies lijken aan te geven dat de ontwikkeling van ED onafhankelijk is van voeding, levensstijl of huisvesting. Populatieanalyse gaf aan dat HD en ED een lage erfelijkheidsgraad (h²) hebben, die voor verschillende onderzochte rassen onder min of meer uniforme milieuomstandigheden varieert van 0,2 tot 0,6 voor HD, en van 0,24 tot 0,55 voor ED. [9] Met andere woorden: zowel HD als ED vereist een sterke invloed van het milieu om duidelijk tot uiting te komen.

Als we de resultaten van bovenstaande studies combineren, kan geconcludeerd worden dat HD en ED optreden bij honden van bepaalde rassen en dat deze afwijkingen zich zullen ontwikkelen onder bepaalde milieuomstandigheden. Naar de invloed van voeding - één van die omstandigheden - is veel onderzoek gedaan. Theoretisch zou het mogelijk zijn honden van kwetsbare rassen op te laten groeien onder milieuomstandigheden die het tot uiting komen van HD en ED bevorderen, om zo de genotypische lijders te vinden. We zullen echter meer geneigd zijn om jonge honden van HD- en ED-gevoelige rassen groot te brengen met een optimale kwaliteit en kwantiteit van voeding, en met beperkte beweging, om niet het risico te lopen dat we de ontwikkeling van skeletstoornissen stimuleren. Het gevolg daarvan is dat de genotypen van HD en ED onopgemerkt blijven in de populatie, en pas naar voren komen in een volgende generatie, als nakomelingen van fenotypisch vrije honden onder minder gunstige omstandigheden worden grootgebracht. Om te voorkomen de genen voor HD en ED in de populatie verspreid raken, dienen de fokdieren nauwgezet op HD en ED onderzocht te worden, met de meest moderne technieken. Voor de fokkerij moeten honden met onaangetaste gewrichten of met de minst ernstige gradatie van de stoornis worden ingezet.

Onderzoek van volledige nesten van Labrador Retrievers toonde aan dat uit fenotypisch gezonde ouders honden met ED worden geboren. [10] Uit analyse bleek dat het gen voor LPC in dit ras hoogstwaarschijnlijk dominant met variabele expressie is: vooral bij reuen correspondeert het genotype met het fenotype, terwijl bij de teven het gen voor LPC verborgen kan blijven. Deze wijze van vererving is een tweede oorzaak voor onverwacht her-optreden van een skeletafwijking in een volgende generatie. Onderzoek bij honden met HD heeft aangetoond dat dit wellicht een polygenetische stoornis is, waarbij meerdere afwijkende genen moeten samenkomen om de HD tot uiting te brengen in een aangetaste hond. [11] Aanvullend op het onderzoek van individuele fokdieren, zal nakomelingen- en familieonderzoek helpen om inzicht te krijgen in de genotypen van het fokmateriaal. Er zijn aanwijzingen, op basis van recent moleculair-biologisch onderzoek, dat zowel HD als ED "major gene" fenomenen zijn, dat wil zeggen dat één of meer genen een hoofdrol spelen bij het optreden van deze afwijkingen. Het is de verantwoordelijkheid van de internationale kennelclubs om onderzoek te stimuleren en te ondersteunen om deze genen te lokaliseren, om zo de dragers, die de afwijkende genen aan de volgende generatie doorgeven, te kunnen opsporen. Het zal nog enige hondengeneraties duren alvorens DNA-onderzoek voor HD of ED realiteit is. Daarom is het nu tijd dat de internationale kennelclubs tot een uniform systeem van beoordeling en registratie komen en bekendmaken op welke methode hun beoordeling is gebaseerd, zodat fokkers in binnen- en buitenland inzicht krijgen in de status van heup- en ellebooggewrichten. Op dit moment hebben we te maken met een gevaarlijke paradox: honden uit landen met de meest gevoelige beoordelingsmethode voor HD en ED kunnen lager scoren en het daardoor op de internationale markt verliezen van honden die getest zijn met behulp van onderzoeksmethoden die volgens de moderne veterinaire inzichten niet meer acceptabel zijn.
Samenvatting

HD en ED zijn beide stoornissen in de ontwikkeling van het snelgroeiende skelet, die samengaan met veel lijden voor de aangetaste honden en hun eigenaars. In risicorassen treden HD en ED veelvuldiger en in ernstiger mate op bij honden die worden grootgebracht op voer met een hoog vitamine- of mineralengehalte, op voer verrijkt met mineraal- of vitaminesupplementen, of wanneer het voedselaanbod onbeperkt is. Anderzijds kan een verlaagde inname van calcium (optimaal is 0,8-1,0% Ca/droge stof) en beperkte energieopname het optreden van HD en ED onderdrukken. De wijze van vererving, de lage erfelijkheidsgraad en de grote invloed van milieuomstandigheden (vooral dagelijkse voeding) op het optreden van HD en ED in genotypisch aangetaste dieren kunnen de redenen zijn dat fokdieren waarvan werd aangenomen dat zij vrij waren van HD en ED toch lijders onder hun nakomelingen hebben. DNA-testen dienen het toekomstige doel voor internationale kennelclubs en rasverenigingen te zijn. Nauwgezet en consequent testen van fokdieren en hun naaste verwanten, en heldere internationale certificering van heup- en elleboogstatus zijn de belangrijkste punten voor de hedendaagse kynologie om verspreiding van de genen gerelateerd aan HD en ED binnen de risicorassen, en daarmee het optreden van deze invaliderende stoornissen, tegen te gaan.
Terug naar boven Go down
Profiel bekijken http://vettighoekske.motionsforum.com
freinspoorken
Admin
avatar

Aantal berichten : 34
Registratiedatum : 14-05-10
Leeftijd : 44
Woonplaats : nijlen

BerichtOnderwerp: schijterij   ma mei 17, 2010 10:34 am

De Giardia-parasiet
'Als je een drol oppakt die niet stevig is, is dat een teken aan de wand'

"Lusteloosheid, veel drinken, diarree. Bij diarree denken mensen vaak aan spuitpoep, maar het hoeft maar een beetje dunner te zijn dan normaal".

Giardia is door de Wereld Gezondheid Organisatie erkend als een ziekte die van dier op mens (en omgekeerd) kan overgaan, een zo genoemde zoönose.




Het is een parasiet die wereldwijd in de dunne darm van vele diersoorten voorkomt. Bij honden is het na Toxocara (een spoelworm) de meest voorkomende parasiet. Zelfs bij een goede verzorging komt het bij ongeveer 10% van de volwassen dieren voor, oplopend in kennels en dierenpensions tot wel 100%.

Deze parasiet is extreem besmettelijk en is voor veel mensen slechts hinderlijk maar kan ook lijden tot grote gezondheidsproblemen met name bij jonge kinderen of oudere mensen. De parasiet kan de darmwand aantasten en in meer of mindere mate diaree veroorzaken maar bij mens (en dier) ook leiden tot een mogelijk dodelijke leverontsteking. Bij kinderen en jonge dieren kan het leiden tot groeistoornissen, aangetaste dieren blijven klein door dat ze de voedingsstoffen niet kunnen opnemen vanwege de aangetaste darmwand. In Nederland is er zelfs een kennel die de door giardia aangetaste herders verkoopt als speciale miniherders. Er zijn 2 verschillende vormen/stadiums van de parasiet te onderscheiden:

1) Het parasietenstadium in de dunne darm wordt trofozoiet genoemd. Vermeerdering hiervan vindt plaats door tweedeling en kan hiermee een explosieve omvang bereiken. Uit elke trofozoiet kan een cyste ontstaan (een soort eitje). Deze kunnen het beste in de ontlasting worden aangetoond en zijn tot wel meerdere maanden besmettelijk.

2) Infecties worden overgedragen via contact van ontlasting met de mond (denk aan vliegen op voedsel). Als men besmette ontlasting netjes opruimt blijven er bijvoorbeeld toch cystes achter in het gras. Zeven dagen na opname van 1 cyste kunnen er al zo’n 100.000 cysten per gram ontlasting worden uitgescheiden. Het kan overgaan van hond op mens, maar andersom is ook mogelijk. Je kunt dus niet per definitie zeggen: de hond is de hoofdschuldige. Je kunt de parasiet oplopen door rechtstreeks en indirect contact. Bijvoorbeeld muizen die over het gras lopen. Je gaat met de hand over het gras, vervolgens over je gezicht. Alleen dweilen en stofzuigen is niet voldoende om de parasiet uit te roeien. De cystes zijn bestand tegen 1 half uur puur chloor, tegen een paar graden vorst en tegen warmte. Echter bij stevige vorst en droge warmte boven de ca. 25 graden gaat de cyste stuk.




Helaas volgen periodes met en zonder diaree elkaar
op bij besmetting met deze parasiet, dat maakt vaak
dat er laat actie wordt ondernomen. De parasiet en
zijn cystes zijn bestand tegen vele schoonmaak-
middelen en kunnen maanden overleven en zo voor
herbesmetting zorgen, de eigenaren besmetten of
honden uit de buurt besmetten. Het is vaak een
enorme domper op de vreugde van de nieuwe hond.
De hond moet aan de medicijnen en daarna moet
er nog getest worden of de parasiet echt weg is.
Soms zijn hiervoor dus meerdere kuren nodig.

Het ziektebeeld (Giardiase) verloopt vaak met lichte symptomen. Met name bij jonge en verzwakte dieren kan een chronisch terugkerende, slijmerige en stinkende diarree voorkomen, vaak in combinatie met gewichtsverlies en verminderde vitaliteit. Volwassen dieren vertonen vaak weinig van deze symptomen en hebben vaak alleen dunnere ontlasting, toch scheiden ze dan wel cysten uit en kunnen dus andere dieren besmetten. In niet behandelde gevallen kan de hond, en zelfs de mens, overlijden aan de gevolgen van een giardia besmetting. Maar we moeten deze ziekte niet meteen opvatten als 'een groot drama'. Als je er op tijd bij bent en niet te lang mee doorsuddert dan stelt het niet veel voor mits je medicatie gebruikt en de hygiëne regels goed in acht neemt. Wanneer een mens besmet raakt met de Giardia parasiet, voelt men zich in het algeheel lamlendig, buikpijn en natuurlijk diarree. Je kunt er erg ziek van worden. Het gevaar zit hem in de onbekendheid met de ziekte. Men denkt vaak “ O hij heeft iets van straat gegeten en/of het is stress van de pup die net van fokker naar nieuwe eigenaar gaat”. Er is momenteel weinig en vooral onduidelijkere voorlichting omtrent deze parasiet. De diagnose voor giardia kan op verschillende manieren worden bevestigd:

· Het aantonen van trofozoieten of cysten in de ontlasting m.b.v. een microscoop. Aangezien een geïnfecteerd dier deze niet continu uitscheidt zijn er vaak meerdere monsters nodig.

· Met behulp van een zogenaamde ELISA-test. Hiervoor is het echter noodzakelijk deze in te sturen naar een laboratorium.

· Nu is er ook een zogenaamde INDEXX-Snap test. Hierbij weet men binnen 10 minuten of de hond besmet is. Echter daar een hond met een giardia besmetting niet bij elke ontlasting cystes uitscheid, is het zaak voor een betrouwbaar resultaat van 3 keer de ontlasting te mengen en dit te gebruiken. .

Behandeling kan met metronidazol of panacure bij heftige besmettingen wordt beide middelen gelijktijdig in gezet essentieel voor herbesmetting is echter reinigen en desinfectie van wanden, vloeren, manden, speeltjes en de hond zelf, enz. Het is zaak alle aanwezige huisdieren te behandelen om tot een goed resultaat te komen. Bij veel dieren is vaak één kuur niet voldoende, zeker als er meerdere dieren zijn is de parasiet lastig te bestrijden. Dan lijkt het even een paar dagen goed te gaan, maar het komt het toch terug. Net als bij een spoelworminfectie kan een hond na een kuur het opnieuw oplopen door honden op straat, snuffelen aan een besmette graspol etc. Verschijnselen waaraan men giardia kan herkennen:

* vaak poepen normaal is 1 a 3 keer per dag afhankelijk van wat men voert.
* Gewichtsverlies- door aantasting van de darm wand kan het dier onvoldoende voedingsstoffen uit het eten halen. (bij pups meer als bij volwassenen)
* ontlasting is niet stevig, maar zacht. Oranje kleur duidt op bloed door aantasting van de darmwand. Dan is het de opname van voedingsstoffen in het geding
* honger door gebrek aan voedingsstoffen in het bloed. Echter soms ook niet willen eten door buikpijn.
* veel drinken



Vele honden hebben enkel de dunnere ontlasting als symptoom. Ontlasting hoort zo dik te zijn dat je het met een plastic zakje op kan pakken en weer neer leggen terwijl het zakje optisch schoon blijft. De diarree bij giardia varieert van net niet meer stevig tot breierig of spuitende rood bruin waterdunne diarree. Giardia komt in hoofdzaak het meeste voor bij honden uit (grote) fokkerijen en honden uit het buitenland. Echter als er een hond in de buurt woont met een niet behandelde giardia besmetting die gewoon op de uitlaatplaatsen word uitgelaten kan 1 zo’n hond tientallen misschien wel honderden honden besmetten. Honden die als pup een heftige giardia besmetting hebben doorgemaakt blijven meestal ca. 1/3 kleiner als soortgenoten die geen giardia besmetting hebben doorgemaakt.
Terug naar boven Go down
Profiel bekijken http://vettighoekske.motionsforum.com
freinspoorken
Admin
avatar

Aantal berichten : 34
Registratiedatum : 14-05-10
Leeftijd : 44
Woonplaats : nijlen

BerichtOnderwerp: epilepsie   ma mei 17, 2010 10:36 am

Epilepsie
Epilepsie is het herhaald optreden van toevallen. Epilepsie komt bij mensen, honden en sporadisch bij katten voor. Een toeval is een kortdurende storing in het functioneren van de hersenen, die zich uit in abnormaal gedrag.

ersencellen wekken elektrische signalen op, geven ze door en ontvangen signalen van andere cellen. Deze signalen worden in goede banen geleid en te sterke signalen worden afgezwakt. De storing in de hersenactiviteit kan verschillende oorzaken hebben. Er kan een afwijking in de hersenen zijn, maar ook een afwijking buiten de hersenen is mogelijk, zoals een stofwisselingsziekte. Vaak is er echter geen duidelijke oorzaak te vinden voor het optreden van de toevallen.
Bij epilepsie treden de toevallen bij herhaling en in zekere regelmaat op. De tijdsduur van de toevallen verschilt per hond, maar ligt meestal tussen de 2 en de 6 weken.
Wat te doen bij een aanval

Doe zo weinig mogelijk tijdens een aanval. U kunt een aanval die is begonnen niet meer stoppen. Probeer vooral rustig te blijven en niet in paniek te raken. Het enige zinvolle dat u kunt doen is ervoor te zorgen dat de hond zich niet verwondt. Soms melden eigenaren dat een hond agressief word tijdens een aanval dit wordt veroorzaakt door dat men de hond vast wil houden tijdens een aanval. De hond maakt echter onbewust willekeurige bewegingen, als de hond met de kop schudt of met de kaken klappert, loopt men de kans gebeten te worden, als men probeert de kop vast te houden. Ook het ingeven van tabletten tijdens een aanval is gevaarlijk, zowel voor de eigenaar als voor de hond.
Soorten epilepsie

Bij epilepsie kan onderscheid worden gemaakt in oorzaak en vorm
Oorzaak

Zonder aanwijsbare oorzaak word er gesproken van een "echte" of "primaire" epilepsie. Is de oorzaak bekent bijv door een schrikreactie word gesproken van een "secundaire" epilepsie. Bij secundaire epilepsie is het eerste deel van de behandeling, de oorzaak van de aanvallen weg te nemen.
Maar jammer genoeg is de oorzaak vaak niet duidelijk vast te stellen.
Vorm

Bij de mens worden veel vormen van epilepsie onderscheiden. Dit is mogelijk omdat de patiënt zelf zijn ervaringen mee kan delen.
Bij huisdieren is dat niet mogelijk.

Hierdoor worden bij dieren epilepsie in slechts 3 vormen worden onderscheiden:
Partiële epilepsie

Bij de gedeeltelijke epilepsie toont het dier gedragsafwijkingen, zoals vliegenhappen en achter de staart aanrennen. Hierbij treedt geen bewusteloosheid op, omdat in dit geval de elektrische prikkel zich slechts over een beperkt deel van de hersenen verspreidt.
Gegeneraliseerde epilepsie

Hierbij word de elektrische prikkel over de hele hersenen verspreid (grand mal). Bij een dergelijke aanval zal de hond omvallen. Er doen bewustzijnsstoornissen voor, gevolgd door krampen van het hele lichaam. Deze vorm komt bij dieren het meest voor.
Atypische epilepsie

Hierbij is sprake van een vorm van epilepsie die niet is in te delen onder 1 of 2.
Primaire epilepsie

Primaire epilepsie komt regelmatig voor bij honden, zowel bij rashonden als bij kruisingen. Bij bepaalde rassen komt het vaker voor. Het vermoeden bestaat dat primaire epilepsie erfelijk is. Epilepsie wordt evenveel bij teven als bij reuen gezien. Wel krijgen teven tijdens de loopsheid meer aanvallen. Bij primaire epilepsie vinden de eerste aanvallen plaats tussen een leeftijd van ½ en 5 jaar. Het kan bij een eenmalige aanval blijven. Vaak echter word een eerste aanval na enige tijd (soms maanden) gevolgd dooreen tweede aanval. Opvallend is dat de periode tussen aanvallen in de loop van de tijd korter wordt en vervolgens min of meer constant word ( met een gemiddelde tijd tussen aanvallen van 2-6 weken.) Bij sommige honden kan het aantal aanvallen tot enkele keren per jaar beperkt blijven, bij andere honden kunnen aanvallen om de week plaatsvinden. Bij primaire epilepsie is de hond tussen twee aanvallen normaal. Meestal is er geen bepaalde aanwijzing voor een aanval aan te wijzen. Opvallend is dat aanvallen vrijwel altijd in huis, in de vertrouwde omgeving plaatsvinden. Aanvallen treden vooral op tijdens een periode van rust (avond, nacht, ochtend) Opwinding of inspanning hebben er niets mee te maken.
Secundaire epilepsie

Secundaire epilepsie begint meestal op een andere leeftijd dan primaire. Dit komt omdat de oorzaak vaak aangeboren is of op latere leeftijd is verkregen. Ook secundaire epilepsie kan bij bepaalde rassen vaker voorkomen (aangeboren, erfelijke afwijking). Bij secundaire epilepsie zal er vaak een verband zijn tussen het optreden van een aanval en voeding, inspanning en /of opwinding. Bovendien zal het dier in periodes tussen aanvallen afwijkend gedrag laten zien.
Hoe ziet een aanval eruit?

De verschijningsvorm van een aanval kan sterk verschillen tussen honden. Voor de individuele hond lijken de aanvallen vaak op elkaar. De gegeneraliseerde aanval verloopt eerst al in 3 fasen:
De aura of de inleiding tot een aanval:

Tijdens de periode voor de aanval vertoont het dier afwijkend gedrag.
Het is onrustig, aanhalig, heeft een rare blik in de ogen, het dier wil naar buiten (of juist naar binnen) en het dier is anders dan normaal.
Deze inleidende fase kan enkele minuten tot enkele dagen duren.
De ictus of de eigenlijke aanval:

Deze begint met het verlies van bewustzijn en het omvallen van het dier. Vervolgens treed een soort verstijving op door langdurige krampen van poten en lichaam, gevolgd door ontspanning met kortdurende krampen en komt het dier weer bij bewustzijn. De totale duur van de ictus bedraagt meestal maar enkele minuten hoewel dat heel lang kan lijken. Tijdens de ictus kan het dier urine en ontlasting verliezen, dit is niet afhankelijk van de ernst van de aanval.
Een tongbeet zoals bij mensen voorkomt komt bij honden niet voor.
De post-ictale fase of de periode na de aanval:

Na het bijkomen en overeind krabbelen zijn de meeste honden de kluts kwijt. Verder kunnen ze geheugenverlies vertonen, slecht zien, moeite hebben met bewegen en hongerig of dorstig zijn. De post-ictale fase kan enkele seconden tot enkele dagen duren. Tijdens de post-ictale periode dient de hond voorzichtig te worden benaderd. Het dier weet immers soms niet waar het is, wie de eigenaar is en het lijkt blind. Een onverhoedse benadering zou dus tot een schrikreactie kunnen leiden en mogelijk tot onbedoelde agressie.

Naast de hierboven beschreven algemene vorm komen ook andere vormen voor zoals:

* Kortdurende aanvallen met schokkende bewegingen van de kop, zonder verlies van bewustzijn
* Aanvallen waarbij een dier zich afwijkend gedraagt; onrustig, overdreven actief, wild rondrennen, naar binnen of juist naar buiten willen gaan, zonder dat krampaanvallen optreden.

Onderzoek van de patiënt met epilepsie

Wanneer uw hond voor het eerst een aanval van epilepsie heeft gehad is het verstandig contact op te nemen met uw dierenarts. Het kan zijn dat het mogelijk is een oorzaak voor de aanval aan te geven, bijvoorbeeld na bloedonderzoek. Helaas zijn de mogelijkheden om afwijkingen in de hersenen op te sporen maar heel beperkt en bovendien zeer kostbaar. Zelfs als de afwijking zou worden vastgesteld is het nog maar de vraag of een doeltreffende behandeling mogelijk is.
Behandeling van epilepsie

Een behandeling is pas zinvol als duidelijk is met welke regelmaat de aanvallen zich voordoen het heeft dan ook geen zin om na een eerste aanval meteen een behandeling in te stellen het kan immers bij 1 aanval blijven. Een behandeling zal zelden tot resultaat hebben dat aanvallen volledig verdwijnen. Het meest gunstige effect wordt bereikt als de tijd tussen aanvallen toeneemt en de ernst van de aanval afneemt.
Dat kan worden bereikt door de juiste dosering van medicijnen, die voor iedere hond afzonderlijk, proefondervindelijk moet worden vastgesteld.
Pas als de tijd tussen aanvallen bekend is kan met de startdosering worden begonnen. Deze moet gedurende een bepaalde periode ongewijzigd blijven, om het effect van de behandeling vast te kunnen stellen. Bij onvoldoend resultaat wordt de dosering verhoogd en word weer het effect beoordeeld.
Een voorbeeld

Een hond heeft gedurende de laatste maanden om de 3-4 weken een dag met 1 of meerdere aanvallen. De startbehandeling zal dan minstens 4 weken moeten duren om een effect vast te kunnen stellen. Bij onvoldoende effect zal de dosering verhoogd worden en wordt weer het effect gedurende minstens 4 weken bekeken. Zo kan het bijvoorbeeld 4 maanden duren voordat duidelijk is dat de tijd tussen aanvallen is toegenomen en / of de ernst van de aanval duidelijk zijn afgenomen.

U begrijpt dat een hond met epilepsie veel zorg en aandacht van u vraagt.
Ook het instellen van de juiste, individuele dosering vraagt veel geduld en inzet van u als eigenaar. Maar als de hond eenmaal goed op therapie reageert, geeft dat heel veel bevrediging.
Doel van de behandeling

Zoals al gezegd zal een behandeling er zelden toe leiden dat aanvallen worden voorkomen. Een goede behandeling zal tot gevolg hebben dat de periode tussen 2 aanvallen toeneemt, dat de ernst van de aanvallen afneemt en dat de lengte (duur) van de aanvallen afneemt.
Hoewel in eerste instantie de aanval als het meest bedreigend word ervaren door de eigenaar, blijkt later een langdurige post-ictale periode (periode na de aanval) nog vervelender te zijn.
Aandachtspunten bij een behandeling

Plotselinge wijzigingen in de behandeling, zoals het stoppen van de behandeling, het vergeten van een behandeling, het veranderen van de dosering of van het medicijn, moeten zoveel mogelijk worden voorkomen.Dit soort veranderingen kan het ontstaan van toevallen in de hand werken. Het kan enige tijd duren voor dat een hond goed is ingesteld. Helaas zijn er ook honden die niet goed reageren op een behandeling. Gelukkig is dat maar zelden het geval.

Veranderingen in het dagelijkse leefpatroon kunnen optreden van toevallen in de hand werken. Een hond met epilepsie is gevoeliger voor bepaalde narcosemiddelen. Meld daarom altijd dat uw hond epilepsie heeft als een operatie plaats moet vinden.

Houd vanaf het eerste moment dat epilepsie bij uw huisdier is vastgesteld een dagboek bij van de ernst en verloop van toevallen en van bijzonderheden die u belangrijk vind ( medicijnen vergeten, medicijnen mogelijk uitgebraakt, veel bezoek gehad, hondwas erg onrustig) met een goed ingevuld dagboek is het effect van een behandeling beter te beoordelen. De dierenarts kan zo ook aandacht besteden aan factoren die bij uw hond mogelijk van invloed zijn op het ontstaan van een aanval.
Medicijnen bij epilepsie

Bij honden is slechts een beperkt aantal medicijnen bruikbaar voor de behandeling van epilepsie. Veel van de mens bruikbare middelen worden bij de hond zo snel opgenomen en uitgescheiden dat het praktisch niet mogelijk is honden ermee te behandelen
Het meest gebruikt bij de behandeling van epilepsie bij honden zijn fenobarbitabletten en fenytoïnetabletten, waaruit de werkzame stof langzaam vrijkomt (Epitard).
Fenobarbital kan gedurende de eerste dagen van de behandeling sufheid en slaperigheid veroorzaken. Als dit na een paar dagen niet overgaat, is het verstandig de dosering te verlagen.
Dieren die met fenobarbital worden behandeld gaan vaak ook meer eten, drinken en plassen.
Vanwege deze bijwerkingen is door de Faculteit der Diergeneeskunde in Utrecht Epitard ontwikkeld. Epitard veroorzaakt minder sufheid en slaperigheid en de toename van eetlust, drinken en plassen is minder.
Bijzondere vormen van een aanval

Epilepsie op zich is geen levensbedreigende situatie. Uw hond kan er net zo oud mee worden als een hond die geen epilepsie heeft. Belangrijk is wel dat u als eigenaar op de hoogte bent van 2 bijzondere vormen van epilepsie:
Clustering
Hierbij is sprake van series aanvallen op 1 dag die niet worden onderbroken door een herkenbare post-ictale periode.
Status epilepticus
Dit is een aanval die langer dan enkele minuten aanhoudt, bijvoorbeeld een kwartier of nog langer.

Het zal duidelijk zijn dat, als een aanval te lang duurt of wanneer aanvallen zich in snel tempo opvolgen, de zuurstofvoorziening van de hersenen in gevaar kan komen of de lichaamstemperatuur te hoog kan oplopen. In dergelijke gevallen moet snel worden ingegrepen. De dierenarts kan dan diazepan direct in de bloedbaan spuiten om de aanval te stoppen. Ook is het mogelijk via de anus een speciaal voor de mens ontwikkeld medicijn met diazepam in de endeldarm te brengen.
In overleg met uw dierenarts kunt u dit in noodgevallen zelf toedienen. Tabletten op basis van diazepam kunnen beter niet tijdens een aanval worden gegeven (gevaarlijk en niet zinvol ).Zoals al eerder is aangegeven verloopt een aanval bij een hond vaak volgens een redelijk vast patroon. Clustering en status epilepticus komen dan ook alleen bij bepaalde patiënten voor. Als bij een hond de voortekenen van een aanval ruim van te voren waar te nemen zijn kan in overleg met de dierenarts besloten worden de dosering van het middel tegen epilepsie gedurende enkele dagen te verhogen, zodra de eerste verschijnselen van een op hand zijnde aanval zich voordoen.
Tenslotte

Zorg ervoor dat de naam en de dosering van de medicijnen in het paspoort van uw hond staan. Meld voor een operatie altijd dat uw dier epilepsie heeft, het is ook verstandig om dit te melden als u een andere dan uw vaste dierenarts bezoekt.
Terug naar boven Go down
Profiel bekijken http://vettighoekske.motionsforum.com
freinspoorken
Admin
avatar

Aantal berichten : 34
Registratiedatum : 14-05-10
Leeftijd : 44
Woonplaats : nijlen

BerichtOnderwerp: hondenvoer   ma mei 17, 2010 10:38 am

Hondenvoer, wat voer ik mijn hond?

Er zijn 3 basis manieren om een hond te voeren.

Brokken( hieronder voor het gemak ook maar even het blikvoer en dinervoeding), KVV ( kompleet vers vlees) of BARF ( Bones and Raw Food)



Hier onder uitleg over deze manieren zodat u zelf kunt kiezen wat past bij mij en mijn hond!

Een grappig filmpje over het maken van brokken.

http://www.youtube.com/watch?v=o3WFLpqo1lM

Ik heb er geen problemen me als mensen een kwaliteitsbrok voeren* , maar ook niet als ze KVV dwz. kompleet vers vleesvoeren ( bijv. prinsvleeschrijven, carnibest, smuldier, energique etc) of BARF dat staat voor Bones and Raw Food (rauwe vlees/botten etc mits ze dit dan maar compleet maken)

Wie meer wil weten over KVV kan info vinden op www.via-natura.nl Roos Burggraaf verkoopt ook een paar BARF produkten. Meer over BARF en hoe je komplete maaltijden samenstelt is te vinden op www.barfplaats.nl.

* Goedkope brokken bevatten meer graan = een vulstof en minder vlees, ook is de samenstelling vaak wisselend omdat men koopt wat op dat moment goedkoop is, vaak zit er geen vlees in wat voor menselijke consumptie geschikt is. In een aantal merken zit vlees dat geschikt is voor menselijke consumptie. Er is zelfs een vegetarisch brokkenmerk hier ben ik persoonlijk fel op tegen. Een hond is nu een maal een vleeseter. Er zijn ook biologische brokken.



Er zijn ook vele mensen waaronder ik. Die van alle drie wat doen. Mijn honden krijgen zowel brokken ( lekker makkelijk) en de andere vlees - soms KVV en soms BARF. KVV voer ik niet zo vaak omdat het zo snel wegslurpt, dat gebruik ik wel bij pups. Ik vind BARF ook een manier om een hond een bezigheid te geven. Brokken en vlees samen geven is een minder goed idee omdat het a anders wordt verteerd en b de pluspunten van het geven van rauw vlees deels teniet worden gedaan. Van rauw vlees kan de darmflora van de hond verbeteren, brokken doen deze vaak teniet. Daarom zijn er ook merken zoals prins die adviseert brokken en 1 dag in de week vlees.

Hier zijn de brokken hap sloek weg op, de KVV nog sneller slurp op! Op de Karkassen wordt veel langer gekauwd.

Wil je overgaan op BARF zorg er dan voor dat je beginnersbotten komt. Op de site www.via-natura.nl kun je daar het e.e.a. over vinden.

Hieronder vind je de meningen van 2 BARF voorstanders.

Meer info:http://vomheiligenblut.webklik.nl/page/barf-en-kvv

Er zijn ook fanatieke tegenstanders. Die BARF weer slecht vinden.

Brokken honden drinken meer en poepen meer als vers vlees honden. Dat is gewoon een feit. Vers vlees honden poepen ca. 1 keer per dag. Brokkenhonden 2 a 3 keer omdat er meer vulstoffen in de brokken zitten. Meer poepen als normaal kan duiden op verteringsproblemen, wormen, parasieten of te grote hoeveelheden geven.

In een aantal brokken zitten veel zouten, kleur, geur en smaakstoffen de een vind dit vreselijk de ander niet. De een stelt dat deze kanker verwekkend zijn de ander zegt.. vet wat ranzig is geworden is ook kanker verwekkend.

De ene vind brokkenhonden stinken de ander vind vers vleeshonden stinken. Tja... Brokkenmensen zeggen als brokkenmerken al laboratoriums nodig hebben om het goed te doen, kunnen wij dat wel in de keuken. In het wild eten wolven vlees.. maar of die liever brokken zouden eten dat weten we niet....

Waar ik wel eens problemen mee heb is als mensen BARF voeren omdat het zo goed is voor de hond en dan goedkope bioindustriekippen, vlees wat ruim over de datum is aan hun hond voeren.. hoeveel voedingsstoffen zitten daar nog in? En hoeveel bestrijdingsmiddelen?? Maar die bioindustriekippen zitten ook weer in veel brokken.

Van blikvoer en diner ben ik geen zelf geen fan. Diner zit vaak vol granen, wordt meestal niet lang genoeg geweekt waardoor het slecht verteerbaar is en tot maagtorsies kan lijden omdat het nog zwelt in de buik. Blikvoer is in verhouding erg duur vaak zit er max. 10 % vlees in (een niet het beste kwaliteit vlees) en is de rest water. Dat water wordt duur betaald.

Kortom het blijft een lastig verhaal dat voeren van honden.


Het feit blijft dat in beide groepen honden, honden kanker krijgen, maagtorsies of spijsverterings- problemen. Als honden kunnen kiezen zullen ze waarschijnlijk voor het verse vlees gaan, althans de meeste niet allemaal.

Welk voer dan goed is? Er is niet 'HET BESTE VOER!' Voer is goed als je hond het er goed op doet! O.a. te zijn aan eetlust, vachtconditie, bodyindex ( te dik, goed of te dun), hoeveelheid en structuur van de ontlasting.
Terug naar boven Go down
Profiel bekijken http://vettighoekske.motionsforum.com
freinspoorken
Admin
avatar

Aantal berichten : 34
Registratiedatum : 14-05-10
Leeftijd : 44
Woonplaats : nijlen

BerichtOnderwerp: soorten drollen , vind ik hier wel passend   ma mei 17, 2010 10:40 am

Ontlasting
Mooie drollenposter van Prins petfoods.
de reuzendrol

Image
Een grote hoeveelheid ontlasting of meer dan tweemaal per dag "uit den broek" duidt op te veel voer met een te lage calorische waarde en een onvoldoende vertering van dit voer.
de dunne

Image
Voedingsoorzaken van diarree kunne zijn: te veel voer, te veel verschillende soorten voer op een dag, bijvoeren met extraatjes of te acuut overstappen op een nieuwe voersoort. Ook koud water drinken of sneeuw eten kunnen oorzaken
de volkoren drol

Image
Lichtbruine tot geelachtige poep wijst erop dat de hond voer krijgt waarin te veel granen zitten. Het voer is niet in balans. Maar ook bij een goed lightvoer zal de drol iets lichter van kleur zijn dan de ideale drol.
de vette drol

Image
Bij voer waarin verkeerde vetten zijn verwerkt produceert de hond een bijna witte, kleiachtige drol. Prins gebruikt in haar voer alleen consumptievetten van hoge kwaliteit waardoor deze drollen worden voorkomen.
de keuteldrol

Image
Harde poep duidt op te veel ruwe celstof in het voer. Deze celstof onttrekt vocht aan de spijsbrij waardoor de ontlasting harder wordt en tot verstopping kan leiden. Het advies is dan voer met een lager percentage ruwe celstof.
de spuitpoep

Image
Extreme diarree in de vorm van echte spuitpoep hoeft niet altijd een voedingsoorzaak te hebben. Een ontsteking of bacteriële infectie kunnen ook oorzaken zijn. Even langs de dierenarts dus......
De ideale drol

Image
Een compacte donkere drol die vaak afbreekt bij het "neervallen". Een gezonde drol van een hond die een goed voer krijgt en niet wordt bijgevoerd. Chapeau!Bron: de mooie drollenposter van Prins petfoods. Kijk voor
Terug naar boven Go down
Profiel bekijken http://vettighoekske.motionsforum.com
freinspoorken
Admin
avatar

Aantal berichten : 34
Registratiedatum : 14-05-10
Leeftijd : 44
Woonplaats : nijlen

BerichtOnderwerp: paardenvijgen   ma mei 17, 2010 10:45 am

Paardenvijgen
Als gedragstherapeute niet echt mijn vakgebied maar belangrijk genoeg om over te schrijven. Herhaaldelijk worden er honden ziek of sterven ! zelfs door het eten van paardenmest. (zie ook het trieste berichtje in de hondenmanieren, nr 10) De mest van paarden wordt door veel honden als lekkernij beschouwd.

Als er in die mest restanten van een ontwormmiddel kan dit fatale gevolgen hebben. Met name ontwormmiddelen met als werkzame stof ivermectine zijn voor collie achtige uitermate gevaarlijk. Ivermectine tast het zenuwstelsel van de hond aan, om nog onbekende reden zijn collie-achtige zoals bijvoorbeeld de bobtails, shelties, alle overige collies, australien shepherds en de dalmatiërs er extra gevoelig voor.

Sommige paardeneigenaren geven ontwormmiddelen op brood gesmeerd, krijgt de hond dit binnen ga dan acuut naar de dierenarts en neem de verpakking mee.

Grote hoeveelheden ontwormingsmiddelen zijn natuurlijk nooit gezond voor je hond.

De meeste paarden lopen wel eens over de openbare weg en kunnen daar dus wat achter laten wat voor sommige honden fatale gevolgen heeft. Ik verzoek dus zowel honden- als paardeneigenaren hier wat voorzichtiger mee om te gaan. Een paard kan men namelijk ook ontwormen op dagen dat hij niet van het erf af komt.
Terug naar boven Go down
Profiel bekijken http://vettighoekske.motionsforum.com
freinspoorken
Admin
avatar

Aantal berichten : 34
Registratiedatum : 14-05-10
Leeftijd : 44
Woonplaats : nijlen

BerichtOnderwerp: spoelwormen   ma mei 17, 2010 10:46 am

Spoelwormen
Vaak worden spoelwormen aangezien voor elastiekjes in de ontlasting. Spoelwormen zijn ronden wormen, met inderdaad de kleur van een elastiekje. Spoelwormen kunnen gevaarlijk zijn voor mens & dier! Ze tasten de organen van hun gastheer aan. In extreme vorm kun je er zelfs blind van worden vandaar dat het erg belangrijk is je hond (en andere dieren) op tijd en met een goed middel te ontwormen. Vele dieren kunnen spoelwormen bij zich dragen en door slechte hygiëne verspreiden de wormen zich van dier naar dier of mens.

Pups dienen om de 2 weken ontwormd te worden tot ze 12 weken zijn, daar na om de 3 maanden tot ze een jaar zijn. Hierna minimaal nog 1 x per half jaar de hond en alle aanwezige spoelworm gevoelige dieren ontwormen. Let er op dat u een goed worm middel gebruikt.

In vele gevallen ziet u geen wormen maar dat wil absoluut niet zeggen dat ze er niet zijn. U kunt eventueel een mestmonster laten beoordelen door uw dierenarts, deze kan bekijken of er wormen of wormdeeltjes in de ontlasting zitten.

Helaas blijkt uit onderzoek dan diereneigenaren erg slordig zijn met het ontwormen van hun dieren, ze doen het niet of te weinig of gebruiken de middelen verkeerd etc. Maar weinig mensen ontwormen hun dieren goed.

Leer u zelf en uw kinderen aan voor het eten (ook van een koekje) de handen te wassen. Dit kan een boel problemen voorkomen.

O.a eenden, honden, katten & paarden zijn worm gevoelig. Het heeft geen zin 1 van de dieren te ontwormen en de anderen op het terrein niet te behandelen
Terug naar boven Go down
Profiel bekijken http://vettighoekske.motionsforum.com
freinspoorken
Admin
avatar

Aantal berichten : 34
Registratiedatum : 14-05-10
Leeftijd : 44
Woonplaats : nijlen

BerichtOnderwerp: teken   ma mei 17, 2010 10:47 am

Teken
Naar aanleiding van de vele tekenbeten die de honden van mijn cursisten en mijn eigen honden al hebben opgelopen concludeer ik dat er dit jaar erg veel teken zijn in en om Apeldoorn. Hoe zit het nu ook al weer met dit lastige diertje..

Teken zitten niet alleen in het bos maar in maar ook in stadsparken en tuinen. Teken zijn actief van begin maart tot eind november.

Teken zijn spinmachtige parasieten, ze ontwikkelen zich via een vervelling van larve tot nimf en vervolgens tot een volwassen teek. In elk stadium zoeken ze een nieuwe gastheer waar ze bloed zuigen. Ze kunnen bij de ene gastheer ziekteverwekers opzuigen en dat weer op de volgende gastheer over brengen. Met name het nimfe stadium is gevaarlijk omdat de teek dan zo klein is dat hij vaak onopgemerkt blijft, maar al wel besmet kan zijn. Ze kunnen een Borrelia besmetting overbrengen op mensen en dieren. Een borrelia besmetting hoeft niet altijd tot de Ziekte van Lyme te leiden.

Indien een teek binnen 24 uur op de goede manier verwijderd word is het risico op de ziekte van Lyme klein.

Symptomen van de Ziekte van Lyme. Een Borrelia besmetting lijdt niet altijd tot de ziekte van Lyme Wanneer de ziekte ontstaat onderscheid men 3 stadia.

Het meest kenmerkend van het eerste stadium is een rode plek om de tekenbeet heen, die tot 3 maanden maar meestal binnen drie weken na de beet kan ontstaan. Deze plek wordt geleidelijk groter en vervaagt in het midden. (In Nederland zijn er in 2001 12.000 mensen met dit eerste stadium van de Ziekte van Lyme bij de huisarts geweest!). In het tweede en derde stadium kunnen problemen met het zenuwstelsel, gewrichten en het hart ontstaan.

Behandeling met Antibiotica direct in het eerste stadium heeft een goed resultaat, indien dit niet gebeurt kan de ziekte chronisch worden.

Het juist verwijderen van een teek gaat als volgt. Men verwijdert de teek met een tekenpincet, tekenlasso of ander geschikt instrument. (Bij deze apparaten zit een gebruiksaanwijzing). Plaats de pincet over de teek heen, zo dicht mogelijk op de huid, dan met een draaiende en trekkende beweging de teek verwijderen. Als het snuitje blijft zitten is dit niet erg, hierin ziet geen borrelia en het zweert er vanzelf uit. Het lijfje van de teek niet samen drukken, zo kun je de maag inhoud eruit drukken. Na het verwijderen van de teek de plek ontsmetten met alcohol of jodium. Nooit vooraf ontsmetten! Bij vooraf ontsmetten spuugt de teek zijn maaginhoud uit, dit kan de ziekte van Lyme veroorzaken.

Ook hier geld voorkomen is beter als genezen. Controleer jezelf en je huisdieren op teken. Kleding met lange mouwen & - pijpen evenals een hoofddeksel helpen een tekenbeet te voorkomen. Teken zitten bij volwassen het meest in liezen, oksels, knieholtes en hoofd.

Ook honden kunnen babesiosis krijgen. Een besmette hond kan er koorts, donkere urine of geelzucht van krijgen. In een later stadium lusteloosheid en vermagering. De ziekteverschijnselen kunnen optreden 2 a 3 weken na een beet. Ook hier geldt...verwijderen binnen 24 uur verkleind de kans op ziekte aanzienlijk. Net als bij mensen is de ziekte goed te behandelen als de ziekte nog niet chronisch is.
Terug naar boven Go down
Profiel bekijken http://vettighoekske.motionsforum.com
freinspoorken
Admin
avatar

Aantal berichten : 34
Registratiedatum : 14-05-10
Leeftijd : 44
Woonplaats : nijlen

BerichtOnderwerp: oververhitting   ma mei 17, 2010 10:48 am

OVERVERHITTING
Voor hondeneigenaren een paar tips voor in de zomer

* Neem geen honden mee in de auto
* Laat geen honden achter in een stilstaande auto, met deze temperaturen legt de hond ook in de schaduw het loodje, hij word letterlijk gekookt omdat de eiwitten in zijn bloed stollen
* Het bos is heerlijk 's ochtends voor 9 uur en 's avonds na 21.00
* Houd de honden tussen 9 - 21 uur rustig
* Geef honden geen koud water maar lauw water, van koud water raken ze aan de diarree bovendien kost het de hond veel energie om het koude water tot lichaamstemperatuur op te warmen.
* Het is normaal dat uw hond nu slecht eet, licht verteerbaar voedsel gaat er beter in.
* Laat geen brokken en zeker geen vlees of diner staan met deze temperaturen zitten er zo maden op
* Ruim hondenontlasting op en knoop de plastic zak goed dicht voor hij de container in gaat ivm maden.
* Door uw tuin te besproeien met een biologische kennelreiniger blijft hij lekker fris en trekt het minder vliegen
* Laat langharige honden niet 's ochtends zwemmen, door de dikke vacht en het warme weer gaat het broeien wat tot vervelende wonden kan lijden. (hotspots)
* Houd ook bij bijvoorbeeld engelse buldoggen de huidplooien extra in de gaten , dit gaat vaak smetten met het warme weer.
* Laat de honden niet zwemmen in stilstaand water ivm blauw alg en/of botulisme!!!
* Fietsen met honden boven 20 graden is met klem af te raden. Honden lopen
op klomphoogte waar de temperatuur snel 50 graden kan zijn!!!!
* Ca. 10 minuten na de inspanning bereikt de hond inwendig zijn hoogste temperatuur!!
Oververhitting of een hartaanval is geen denkbeeldig risico
* Zwarte honden hebben meer last van de warmte ivm hun donkere vacht die
de hitte opneemt. Een wit Tshirt kan daar tegen helpen. Deze kun je de
hond ook nat aan trekken.
* Zorg dat de hond altijd in de schaduw kan liggen
* Net over de provinciegrens ligt het erkemederhondenstrand. Daar mogen
onze viervoeters ook in de zomer komen! (www.erkemederstrand.nl)
* Als prive zwembad is een grote specie kuip een prima idee. Wel op tijd leeg gooien ivm bacterien als het water te warm is en te lang staat.
* Als de hond er tegen kan (veel honden krijgen diarree van ijs of koud water) is een hondenijsje een welkome afwisseling. Yoghurt invriezen, boullion met vlees oid. Niet geven aan oververhitte honden!

Honden hebben vaak last van de warmte, het dit hete weer, op vakantie, in de auto of tijdens een wandeling. Honden zweten door te hijgen en via hun voetzooltjes. De volgende nieuwe producten kunnen uitkomst bieden! De pet collar, Bandana of petmat bieden extra verkoeling.

Het functioneert als volgt, tussen 2 lagen katoen zijn vochtabsorberende korrels aangebracht. Door de producten 15 minuten in het water te legen ontstaat een geleiachtige substantie die ongeveer 5 dagen werkzaam is. Daarna is 5 minuten voldoende om de producten opnieuw voor 5 dagen te activeren. Extra verkoeling kan verkregen worden door het product in de koelkast te leggen.

* PET COLLAR - brede losse kraag voor halsomtrek 57,5 tot 75 cm *PET BANDANA - lijkt op een geknoopte zakdoek -De pet collar en de bandana zijn uitstekend geschikt voor afkoeling tijdens wandelingen OF trainingen.Te bestellen bij: Dierenspeciaalzaak Dier all-in in Epe


Oververhitting symptomen en oplossingen!



Elk jaar zijn er weer verhalen van honden die aan oververhitting (hyperthermie) overleden zijn omdat zij even in de auto werden achtergelaten. Ook bij intensief werken, spelen, ballen gooien, fietsen etc in de zon kan hyperthermie ontstaan. Reeds bij 40,6 graden lichaamstemperatuur treden er beschadingingen op!!

Oververhitting is bij warm weer dan ook iets waar de hondeneigenaar op bedacht moet zijn.

HOE ONTSTAAT HYPERTHERMIE ?
De normale temperatuur van een hond ligt tussen de 38 en de 39 graden celsius. Het lichaam bewaart een evenwicht tussen warmteproduktie en warmte-afgifte. Dit wordt geregeld door het warmte-regulatiecentrum in de hersenen. Warmteproduktie wordt onder andere beinvloed door leeftijd, lichaamsgewicht, geslacht, conditie (getrainde spieren produceren meer warmte door een hogere stofwisseling), activiteit en voeropname. De warmteafgifte o.a. door omgevingstemperatuur, windsnelheid, vochtigheid en isolatie (vetlaag, beharing).Oude honden, dikke honden, temeramentvolle honden en honden met een korte snuit lopen meer risico op oververhitting!

Warmte kan het lichaam verlaten via straling (huidoppervlak), stroming (lucht-stromingen), verdamping en geleiding (via contact-oppervlakken). Honden verliezen voornamelijk warmte door verdamping via de bek (hijgen) en via de zweetklieren in de voetzolen. Ook het verwijden van de kleine bloedvaatjes in de huid, het veranderen van de lichaamshouding en het gedrag (koele plaats opzoeken) dragen bij aan de warmteafgifte.

Door allerlei inwendige- en uitwendige oorzaken kan de warmteproduktie groter worden dan de warmteafgifte. Het evenwicht raakt verstoord en de lichaamstemperatuur stijgt dan kan de hond oververhit raken


Het lichaam van de hond reageert nu door steeds sneller te gaan hijgen. De ademhalingsspieren produceren op een gegeven moment zoveel warmte dat dit bijdraagt tot een verdere verhoging van de lichaamstemperatuur in plaats van tot het gewenste warmteverlies. Deze vicieuze cirkel kan de hond zelf niet meer doorbreken en snel ingrijpen is noodzakelijk. Stijgt de lichaamstemperatuur boven de grens van 40,6 graden dan beginnen de eiwitten in het lichaam beschadigd te raken en worden de lichaamscellen onvoldoende van zuurstof voorzien. Allerlei essentiele processen stagneren. Het dier overlijdt bij een temperatuur van 42 graden.

SYMPTOMEN EN BEHANDELING
Om hyperthermie te kunnen vaststellen en de eerste levensreddende behandeling te kunnen uitvoeren heeft een eigenaar nodig: Een gewone digitale thermometer, koel water, keukenzout en evt medicinale alcohol. Daarnaast kan, indien aanwezig, gebruik gemaakt worden van een ventilator of een auto met airconditioning

Hyperthermie kan een scala aan klachten veroorzaken waarvan de een duidelijker is dan de ander. De symptomen worden ernstiger naarmate de temperatuur hoger is. Misselijkheid en braken, spierkrampen, extreem hijgen en spierzwakte zijn de meest voorkomende verschijnselen. Soms is het bewustzijn verminderd. Met een thermometer kan de diagnose makkelijk gesteld worden.

Is de temperatuur boven de 41.0 dan is zeer snelle koeling vereist, indien mogelijk zelfs met ijs of ijskoud water. Bij een temperatuur tussen de 40.5 en 41.0 moet een voorzichtigere koeling worden toegepast. Plaats de hond in de schaduw en maak gebruik van de ventilator cq. airconditioning. Overgiet het dier met koel (dus niet steenkoud) water, zet hem eventueel in het water of onder de tuinslang. Wrijf goed door de vacht zodat het water op de huid komt en niet alleen langs de haren afstroomt. Koelen met alcohol gaat nog sneller. Meestal zal hiervan niet genoeg aanwezig zijn om de hond hiermee kletsnat te maken. Gebruik de alcohol in ieder geval op plaatsen waar de beharing dun is (liezen,oksels, oren). Als de hond wil drinken geef hem dan steeds kleine beetjes koel water liefst met een klein beetje keukenzout erdoor.

Controleer de temperatuur elke 10 minuten. Als deze inderdaad begint te zakken doe dan rustig aan met de koelende activivteiten. Er moet voorkomen worden dat de temperatuur te laag wordt. Ook kan een te snelle koeling, bijvoorbeeld met ijskoud water, tot gevolg hebben dat de hersenen het lichaam weer aanzetten tot warmteproduktie (rillen). Als de temperatuur gedaald is tot ca. 40 graden kan het koelen gestopt worden. Wel moet elk half uur de temperatuur gemeten worden.

Indien mogelijk wordt de hond verder door een dierenarts behandeld. Deze kan door het toedienen van infusen en vaatverwijders de temperatuur verder laten dalen. Soms is zelfs een narcose nodig om dit te bereiken.
Terug naar boven Go down
Profiel bekijken http://vettighoekske.motionsforum.com
freinspoorken
Admin
avatar

Aantal berichten : 34
Registratiedatum : 14-05-10
Leeftijd : 44
Woonplaats : nijlen

BerichtOnderwerp: EHBO   ma mei 17, 2010 10:49 am

EHBO bij honden, katten vogels en knaagdieren

Honden EHBO de vrolijke viervoeter Klik hier
Boekje over EHBO Dierennieuws, klik hier
EHBO de dierendokters Klik hier


Via deze link kom je op een site met giftige planten:Klik hier
Het vergiftigingscentrum

Schijnbaar ongevaarlijke dingen zoals munten en chocolade kunnen voor uw hond gevaarlijk of giftig zijn. In dit hoofdstuk worden die zaken beschreven, waarvan u uw hond dient weg te houden.

Dingen die voor u ongevaarlijke en alledaagse gebruiksvoorwerpen zijn, kunnen voor uw pup dodelijk zijn. Verzeker u ervan, dat ze zich buiten zijn bereik bevinden.

* Chemicaliën, die in het huishouden en in de tuin gebruikt worden, zoals mest, insecticiden, plantenbeschermingsmiddelen, schoonmaakmiddelen.
* Planten, een deel van onze kamerplanten en bloemen zijn in levende of gedroogde staat giftig. Haal informatie bij een kwekerij over de planten die u wilt kopen. In geval van twijfel, dient u de planten buiten het bereik van uw hond neer te zetten.
* Chocolade. Dertig gram pure chocolade kan voor een kleine hond al dodelijk zijn. Melkchocolade is niet zo giftig, maar wanneer honden daar grote hoeveelheden van eten, kunnen ze spijsverteringsproblemen krijgen.
* Antivries smaakt zoet, zodat honden dit graag van de garagevloer of van de inrit oplikken. Echter een theelepel daarvan kan al tot onomkeerbare nierbeschadigingen leiden en bij een kleine hond kan dit de dood tot gevolg hebben. Wanneer u met antivries knoeit, maak alles dan meteen grondig schoon.
* Stimulerende middelen kunnen bij honden tot krampen leiden. Ibuprofen, een pijnstiller voor mensen, veroorzaakt bij honden nierbeschadigingen of maagzweren.
* Algemeen. Kleine voorwerpen zoals munten en knikkers kunnen door een hond als leuk speelgoed worden ervaren, met kans op inslikken tot gevolg. Dit kan leiden tot maag- darmproblemen.
Terug naar boven Go down
Profiel bekijken http://vettighoekske.motionsforum.com
freinspoorken
Admin
avatar

Aantal berichten : 34
Registratiedatum : 14-05-10
Leeftijd : 44
Woonplaats : nijlen

BerichtOnderwerp: schijndracht & andere   ma mei 17, 2010 10:55 am

Loopsheid / Schijnzwangerschap / ongewenste dekking
Loopsheid hoe zit dat nu?

De loopsheid is de vruchtbare periode van de teef (het vrouwtje) . Tijdens een deel deze periode kan de teef gedekt worden.
Eerste keer loops.

De eerste loopsheid treedt gemiddeld op tussen de 5-18 maanden leeftijd. Hoe groter de hond, hoe later de loopsheid begint. Een dierenarts vind het pas vreemd als de teef als ze 2 wordt nog niet loops is geweest. Is er een andere loopse teef in de buurt kan dit de loopsheid opwekken. De meeste teven worden 2 keer per jaar loops sommige echter maar 1 keer per jaar. Bij honden als bijv. Saarloze wolfshonden komt dit voor. Maar ook bij bijv. sommige golden retrievers. Er zijn echter ook teven die meerdere keren per jaar loops zijn soms wel 5 keer. Dit is echter niet normaal, overleg hier over met uw dierenarts.
Verschijnselen.

* de vulva (dat is het ding waar een teef uit plast) zwelt op.
* de reuen raken erg geïnteresseerd in de teef, wat de teef nog helemaal niet leuk vindt
* na enkele dagen begint de teef te vloeien .
deze uitvloeiing is in het begin bloederig en gaat later over in een bruin waterige uitvloeiing.
* Gemiddeld is de teef tussen de 9e-12de dag van de loopsheid vruchtbaar. Dit is herkenbaar door haar op haar kont te krabbelen. Krabbel je aan de linkerkant dan doet ze haar staart naar rechts en andersom. Zo heeft de reu vrij toegang tot de vulva. In deze periode worden reuen niet meer door de teef weggejaagd. Sommige teven gaan zelf actief opzoek naar een reu! Reuen kunnen loopse teven zegt men al op kilometers afstand ruiken. De teef zonder toezicht in een afgesloten tuin zetten kan een risico zijn. Sommige teven springen er uit om achter de heren aan te gaan of de reuen komen over de schutting heen. (bij mij over een schutting van 1.60 !! Gelukkig was mijn teef binnen.
* na de vruchtbare periode gaat de uitvloeiing stoppen, de vulva slinkt weer en de teef snauwt weer de reuen af
* ca. 3 weken na het begin van de loopsheid eindigt de loopsheid.
Tijdens de loopsheid zwelt de baarmoeder (uterus) op, ook de bloedvaten van de baarmoeder zwellen op. Pas 3 maanden na het einde van de loopsheid is de baarmoeder weer tot rust gekomen. Vandaar dat sterilisatie bijvoorkeur 3 a 4 maanden na de 1 ste loopsheid word gedaan.

Teven zijn tijdens de loopsheid vaak wat vatbaarder voor ziektes. Na de loopsheid kan schijnzwangerschap ontstaan. Zie het hoofstuk over schijnzwangerschap.

Sommige hele jonge teven zijn aantrekkelijk voor reuen. Vaak hebben deze een bacteriële vaginale ontsteking. Deze vaginale ontsteking gaat vaak over bij de eerste loopsheid. Als er echt sprake is van afscheiding is het zaak even langs de dierenarts te gaan.

Een teef kan ook een baarmoederontsteking krijgen, hierover een apart onderwerp.

*****************************************************
Schijndrachtig

De naam "schijnzwangerschap" is eigenlijk niet juist. De Latijnse naam hiervoor is lactatio abnormalis (abnormale melkproductie). De hond voelt zich niet zwanger maar denkt dat ze al een nest met pups heeft. Ze voelt zich dus op en top een moeder. Lichaam en geest van de teef zijn er helemaal op ingesteld om pups te verzorgen. Eigenlijk is het een onschuldige speling van de natuur.

Meestal treedt de "schijnzwangerschap" ongeveer negen weken na de loopsheid op. Dat is het moment dat de teef, als ze tijdens de loopsheid gedekt zou zijn geweest, had moeten werpen. Dus, ondanks zat ze niet zwanger is geweest, reageren lichaam en psyche van het dier toch als zodanig.

Het komt nogal eens bij teefjes voor dat 8 weken na de loopsheid de tepels opgezet zijn en er zelfs melk wordt geproduceerd en dat terwijl zij niet drachtig is. Men spreekt dan over schijndracht en er zijn teefjes die werkelijk ziek zijn in zo’n periode. Het gedrag van zulke teefjes wekt dan de indruk dat zij hun pup(s) aan het verzorgen zijn. Maar die "pups" kunnen dan allerlei vreemde voorwerpen zijn zoals pantoffels, poppen van de kinderen, maar b.v. ook een stoffer. Veel mensen vinden dat een leuk gezicht vooral als de pop van de kinderen dienst doet als kunstpup. Toch moet ik u met klem afraden dit toe te laten omdat zo’n schijndracht daardoor extra wordt gestimuleerd en dat gaat ten koste van de gezondheid van uw hond.

Het produceren van melk kost namelijk veel kracht. Ook doet u er goed aan vooral het losse materiaal dat in haar mand ligt zoals kleedjes of dekentjes in deze periode weg te nemen om nestelen te voorkomen. Een goed middel om de verdere productie van melk tegen te gaan is de tepels regelmatig in te smeren met glycerine met kamferspiritus. Dat is bij iedere drogist te koop. Dit middeltje werkt uitstekend en door de sterke geur zal de teef niet zo snel geneigd zijn haar eigen tepels te likken. Daardoor zal de melkproductie snel afnemen.
Wat gebeurt er:

De teef krijgt grotere melkklieren waar inderdaad ook vaak melk uit gemasseerd kan worden of een vloeistof met een andere kleur, van bruin tot bloedrood toe. Dat is de lichamelijke kant ervan die overigens niet altijd aanwezig is.
Psychische verschijnselen:

Het dier wordt onrustig, ze denkt dat ze pups heeft, maar die zijn er niet.
Nestdrang:

De teef heeft graafneigingen, trekt zich veilig terug onder een stoel of onder de tafel, in een hoekje van de kamer of ook wel op het bed in de slaapkamer. Ze gaat dus duidelijk op andere plaatsen liggen dan normaal.
Slepen met speelgoed, pantoffels, sokken, de gekste dingen. Al die zaken ziet de hond als haar pups. Ook overdreven aandacht voor andere dieren thuis of zelfs kinderen is zo te verklaren. Vaak heeft de teef de neiging dit alles tot het uiterste te verdedigen. Oppassen dus.
Agressiever tegenover andere dieren bijvoorbeeld bij het uitlaten maar ook als er mensen op bezoek komen. Vanuit de teef bezien volkomen verklaarbaar. Als de teef wordt benaderd denkt ze dat ze haar denkbeeldige pups moet verdedigen en dat kan wel eens gevaarlijker zijn voor iemand die niet weet wat er aan de hand is. In sommige gevallen kan dit leiden tot moeilijkheden zoals het aanvallen van andere honden en af en toe van nietsvermoedende kinderen of andere bezoekers. Dus voor de zekerheid altijd oppassen met een schijnzwangere teef.
Schijnzwangere teven eten meestal minder, in een enkel geval zelfs wat meer. Het lijkt logisch dat ze meer zouden eten omdat ze denken dat ze pups hebben, maar toch is meestal het tegenovergestelde het geval. Mogelijk speelt nervositeit hierbij een rol.
Uitlaten is voor schijnzwangere honden meer een kwelling dan een plezier. Ze zijn vaak niet naar buiten te branden omdat ze maar steeds in de buurt van hun "nest" willen blijven. Even snel hun behoefte doen kan nog wel, maar dan weer zo snel mogelijk naar huis.
Sommige schijnzwangere teven worden erg aanhankelijk, vragen voortdurend aandacht, willen aangehaald worden of op schoot komen zitten, vaak tot op het irritante af.
Een schijnzwangere hond hoeft niet alle hierboven genoemde symptomen tegelijk te vertonen. De meeste hebben last van twee of drie van deze verschijnselen. De ernst van de psychische uitingen van de schijnzwangerschap kan sterk variëren.
Soms is de eigen hond helemaal niet meer herkenbaar:

In een korte periode is ze helemaal anders geworden. Het komt regelmatig voor dat de eigenaar, nier wetende dat de teef schijnzwangere is, zich erg ongerust maakt en met bange voorgevoelens een bezoek brengt aan de dierenarts. Het is dan een grote opluchting te horen dat de hond alleen maar schijnzwangere is en lichamelijk niets mankeert.
Schijnzwangerschap kan maanden duren maar gaat nooit samen met loopsheid. het valt niet te voorspellen welke honden het zullen worden en het maakt ook weinig uit of ze al eens een nest gehad hebben. De aandoening komt veelvuldig voor en bij alle honderassen.
Wat kunnen we eraan doen:

Afleiding geven is zeer belangrijk bij de behandeling van schijnzwangerschap, meer nog dan de toediening van medicijnen. Laat uw hond op andere tijden en op andere plaatsen uit dan wanneer en waar ze gewend is uitgelaten te worden of ga eens lekker met haar ravotten. Wat u zeker niet moet doen is het schijnzwangere gedrag bevestigen door bijvoorbeeld speeltjes te geven, medelijden te krijgen of agressiviteit te bestraffen.
Vaak blijkt het nodig om ook nog op andere manieren in te grijpen. Redenen daarvoor kunnen zijn dat de hond zelf veel problemen lijkt te hebben met de schijnzwangerschap of als gevolg ervan overlast veroorzaakt. Een andere belangrijke reden is langdurige melkgift omdat gebleken is dat de met melkvocht gevulde holten (cysten) op den lange duur kunnen ontaarden in melkkliertumoren (borstkanker).
Met andere woorden:

Teven die telkens weer en langdurig schijnzwangere worden, hebben een grotere kans om kanker aan de melkklieren te krijgen. Medicinaal ingrijpen kan door toediening van lichte hormonen in de vorm van een tablettenkuur. Ook het gebruik van homeopathische middelen blijkt in een aantal gevallen effectief. Bij hardnekkige gevallen verdient het de aanbeveling de teef te steriliseren. Bij deze operatie worden de baarmoeder en eierstokken verwijderd omdat vooral de eierstokken de boosdoeners zijn bij schijnzwangerschap.



*******************************************************************************

Ongewenste dekking wat nu?

Nooit een reu van een teef aftrekken als ze al aan elkaar gekoppeld zitten. De dekking heeft dan toch al plaats gevonden. Bovendien kunt u de geslachtsorganen van beide honden ernstig beschadigen.

Overleg met uw dierenarts hoe te handelen. Een ongewenste dekking kan met het middel Alizin tot 45 dagen na de dekking nog onderbroken worden door 2 ‘morning after’ spuiten. Laat in uw beslissing de volgende punten mee spelen:

· zijn beide ouderdieren wel geschikt als ouder.. hoe zijn hun gedragseigenschappen & lichamelijke gezondheid?
· Is de teef qua leeftijd geschikt om een nest te krijgen? Voor het 2de jaar is onwenselijk maar het eerste nest na het 5de levensjaar ook. Heeft de teef al eerder nesten gehad dan is gemiddeld 8 jaar een mooie leeftijd om haar ‘moeder carrière’ te beëindigen. Dit is ook afhankelijk van het soort hond. 4 nesten per hond vind ik het maximum. Bij meer nesten pleeg je serieus roofbouw op je hond.
· Heb ik tijd om een nest te begeleiden? Jonge hondjes zijn als je het goed wilt doen veel werk. Hondjes uit de schuur waar amper naar om word gekeken zijn geen aanwinst voor de wereld omdat ze bijna allemaal gestoord gedrag vertonen of gaan vertonen.
· Het is onzin om te zeggen het is goed voor de hond om een keer een nestje te krijgen
· Ook het argument.. het is leuk voor de kinderen zou geen doorslag gevende rol mogen spelen.
Terug naar boven Go down
Profiel bekijken http://vettighoekske.motionsforum.com
Gesponsorde inhoud




BerichtOnderwerp: Re: hondenkliniekske   

Terug naar boven Go down
 
hondenkliniekske
Vorige onderwerp Volgende onderwerp Terug naar boven 
Pagina 1 van 1

Permissies van dit forum:Je mag geen reacties plaatsen in dit subforum
vettig hoekske :: vettighoekske :: plasweide-
Ga naar: